We plukken de zonnige zaterdag…

…… in Zeeland. Nazomeren op de fiets en alvast een voorraadje vitamine D opslaan voor de grijze winterdagen die onvermijdelijk naderen. (Brrrr!)

We fietsen over duinpaden, langs de Noordzee die vandaag mooi blauw kleurt, en langs groene plekjes . Achter de duindoorn verschuilt zich de zee. De taaie struik trotseert de zoute zeewind, het  stuivend zand en droogte. Een overvloed aan oranjegele bessen lonkt, een paar proevertjes smaken fris en zitten boordevol vitamine C.

Image



Onderweg stuiten we op charmante pleintjes in Aardenburg, in Sluis – waar de contouren van de Sint Janskerk zich aftekenen – en in Groede. De witte huisjes in Sluis hebben een begijnhoftrekje.  Ik wil de storende auto’s weggommen, het lukt me niet zonder vreemde achtergronden. Het is wat het is. De auto’s zorgen voor de moderne tint.

Image

Op een terrasje in Groede genieten we een ijsje, terwijl uit de kerk warme oefenklanken van ‘Ring of fire’ door ” The Man in Black” ons bereiken. ’s Avonds brengt die coverband in de kerk een eerbetoon aan Johnny Cash, de man met die prachtige diepe stem én mijn favoriet. Jammer genoeg zijn er geen tickets meer. Hadden we dat eerder geweten… het zou de perfecte afsluiter zijn geweest van een heerlijke fietsdag.

Retranchement blijft een gezellig dorpje.
Het Zwin blijft een indrukwekkend natuurgebied.
En Cadzand blijft een levendig stadje.
Sluis… daar komen we zeker nog eens terug. Het staat op onze winterplanning.

En mijn oudere fiets hield dapper vol. Ik doe niet onder. 60 km lang. Vermoeide spieren krijgen een warm bad, verdiend!

Zagen en schatten

De natuur en frisse lucht zijn hier altijd welkom. Zelfs nu het wat frisser is, lees ” vrij koud”, staan de terrasdeuren open en haal ik de -nog voor even- groene tuin graag binnen.
Buurman zaagt. Letterlijk! Met véél lawaai. Paletten worden hout voor de kachel in de wintermaanden. Natuurlijk kiest hij precies het hoekje uit pal naast ons huis om de klus te klaren. Al vele dagen, weken lang.
Er staan nog eindeloos veel paletten klaar, zegt hij lachend. Hij hoopt op een warme winter.
Ik lach mee, groen.
Lawaai maakt me zenuwachtig, het blijft hangen, zelfs met de deuren toe. Je kan er de klok op gelijk zetten, start om 8 uur en (tussen)stop om 13 u. Hij is een toffe vent op dagen dat hij geen krijsend lawaai maakt met dat scherp snijdend mes.
Zagen –figuurlijk– wil ik niet, we wonen samen op deze bol. Maar ik tel flink af naar het allerlaatste houtblokje….

Goed nieuws: ik mag mijn eigen-werk-klei-potjes ophalen. Het was geweldig om doen, ook al verliep niet alles even soepel. Of ben ik gewoon net iets te onhandig? Gieten en en knutselen gingen vlot, het draaien is een pak moeilijker. Met dank aan de helpende hand van onze juf ben ik best wel trots. De foutjes zorgen voor karakter. Ik noem het authenticiteit.
Ik verklap ze jullie niet. Wat niet weet, niet deert.
Wie langs komt, krijgt een nootje, een koekje, een olijfje, een servetje uit mijn schatten.

Image

Een kleine persoonlijk touch past perfect voor wie een servet nodig heeft.

Image


Kleinzoon loopt een wedstrijd. Wij supporteren ons de stem uit het lijf. Maar winnen wil hij niet want “dan moet hij het podium op”. Hij vermijdt graag elke vorm van belangstelling.
Een opvallend kledingstuk? Neen!
Een spreekbeurt in de klas? Oh neen toch!
Iets anders dan de ander? Neen!
Hij slaagt in zijn opzet en is dan ook super tevreden. Wij genieten zijn stralend gezichtje en verwennen hem met appelmoes uit eigen tuin. Hij is een schat. De ondertitel op deze blog waardig. “Oma van 5 prachtige kleinkindjes”, schreef ik tien jaar geleden. Ondertussen werden kleinkindjes volwaardige kleinkinderen.

Het is bijna 13 uur. Tijd dus om even ontspannen de stille tuin in te wandelen en de beloofde (?) zon te genieten. Ik hoop dat hij zich aan zijn uren houdt!

Ik loop de langs de trein, de voorste wagon biedt vaak nog de meeste zitplaatsen. Het perron ziet zwart van het volk. Ik kijk heel goed om me heen en zie alléén maar mensen met de gsm in de hand. En dat zijn er véél! Heel véél!

De geschiedenis van mijn e-bike

Amper 54 ben ik. Spieren doen lastig en blijven lastig. Al 20 jaar lang. Het is wat het is. Maar bij het fietsen, dé hobby van manlief en mij, zorgt het voor grote problemen. Vaag hoor ik over het bestaan van een fiets met hulp, een batterij! Ik aarzel niet en met een flinke smak geld voor mijn Sparta maak ik de fietsenverkoper zeer tevreden , maar eigenlijk koop ik vooral de eigen tevredenheid. Waarom geen hulp inschakelen als het nodig is en voor mij een groter comfort betekent. Maar anderzijds is er ook die schaamte. Wat zal de ander zeggen over mijn ‘luiheid’? Want mijn probleem hang ik niet aan de grote klok.

We fietsen heuvel op, heuvel af, in de omgeving van Leuven. Manlief hoeft niet langer eindeloos te wachten tot ik ben bij’gebeend’.
Een wielertoerist steekt me vlot voorbij ‘Zo is het gemakkelijk he madammeke…’ Daar is ze weer, de schaamte. Reageren kan en durf ik niet, want misschien heeft hij ook gelijk…..
Even verderop spreekt een vermoedelijke tachtiger me aan. Hij rijdt nog steeds gewoon en vraagt info, die ik, ‘jonge deerne’, nauwelijks durf te geven. Manlief neem het gesprek over. Hij is niet beschaamd, maar blij met zijn dappere vrouw.

Dagelijks naar school fietsen (30 km heen en terug) is weer een optie op droge dagen, haren in de wind, want van een helm was toen nog geen sprake.
Ik voel me rijk als een kind met mijn herwonnen vrijheid.

De Sparta verhuist na een paar jaar naar schone dochter, de Electrolux wordt een koopje in Hulst. Ondertussen is hij stokoud, in fietsjaren gerekend, ik blijf eraan verknocht. Hij rijdt niet meer altijd naar wens, maar ik krijg het niet over mijn hart hem opzij te schuiven. Met dank aan een uitstekende verzorging blijft hij overleven. Mijn trouwe maatje!

Hij gaat mee om boodschappen. Mét helm en boordevolle fietszakken laveer ik tussen het jonge volkje, met…jawel….fietsen mét batterij. Geen spoor van schaamte. Dat hoeft ook niet…

Schrijnend

Vier afleveringen (Canvas of VRT Max) volgen we het reilen en zeilen van de Balderschool in de armoedige wijken van Brussel-Zuid. Het is een lagere school met 98% anderstalige kinderen.
Een jaar lang werd er gefilmd, met toelating van, geen kat die het nog beseft, het is eerlijke tv.

In amper vijf jaar tijd passeerden vijf directeurs, ook onder de leerkrachten is het verloop groot. Ze starten vol enthousiasme, botsen op de harde realiteit, vallen uit met burnout en zoeken uiteindelijk ander werk.

Het niveau van het zesde leerjaar komt in het beste geval overeen met dat van het derde. Noodgedwongen krijgen bijna alle kinderen aan A-attest na het zesde leerjaar. ‘Je kan hun toekomst toch niet ontnemen’, zegt de meester. Maar geen van hen verdient het.
Overal hoor je gebrekkig Nederlands. Bij gebrek aan leerkrachten nemen de zorgjuffen de lessen over, waardoor er voor extra ondersteuning geen ruimte meer is.

Ontroerend is het moment dat moeder en dochter samen leren. Moeder wil de dochter een mooie toekomst geven, het kind kan het niet alleen en zij maakt daarvoor kostbare tijd vrij.

We zien leerkrachten die starten vol idealisme, maar steeds vaker afhaken.
De kinderen kunnen zich moeilijk concentreren. De diversiteit in de klas maakt het lesgeven uitdagend. Tucht houden is niet altijd evident.
Ouders worden opgetrommeld, sommige zijn heel begaan, smeken om hulp tijdens emotionele oudercontacten.

Het elfjarig meisje gaat met haar zusjes (6 en 3!) stevig aan de hand naar huis. Ze moet van mama ondergronds blijven in de metrogangen, want ‘boven worden kindjes gestolen’. Thuisgekomen verzorgt en helpt ze haar zieke mama (ooit dokter). Ze huilen samen.

Inspecties blijven keer op keer vernietigend.
Ze halen geen niveau….tja….
De infrastructuur is gebrekkig…tja… geld….
Kinderen halen de eindtermen niet….tja…
Het leerkrachtenverloop is torenhoog. Kinderen krijgen vaak een hele tijd geen les, er is gewoon geen leerkracht. Dan is achterstand een logisch gevolg?

Begin mei wordt het derde studiejaar plots opgedoekt bij gebrek aan leerkracht, jonge kinderen worden voor die laatste twee maanden verspreid in andere scholen. Niet evident voor ouders, wegens te ver, te omslachtig, te drukke rijbanen. Kinderen huilen. ‘De juf is zo lief’ en ‘ik wil niet weg van mijn vriendinnetjes’.

Schrijnend, het verhaal gaat door merg en been. Ik voel spontaan een grote bewondering voor de volhouders, de idealisten die blijven vechten voor hun leerlingen. Maar ook begrip voor wie opgeeft, het is te vaak vechten tegen de bierkaai.

En de kinderen? Hoe kunnen zij een goede basis opbouwen? Er is veel armoede thuis ook geen standvastigheid op school. Moeders staan er vaak alleen voor. Huilen mee met de kinderen. Dromen van ‘ander en beter’ voor hun kroost.

Ook dat is België!

Wielergeschiedenis

Vanuit mijn ‘luie’ zetel heb ik zicht op de maan, die ges’luie’rd verstoppertje speelt met s’lui’merende wolkenvelden. Het is nacht, bijna middernacht, ik ben een nachtbraker….van woorden die zinnen creëren….

De dagen vliegen, snel en sneller, ik wil stop gebieden, maar ze luisteren niet. De zon blijft uitnodigend, nog voor even, als ik Jacotte ( de weervrouw) moet geloven .

We fietsen in Pajottenland, met zoon en zoon en kleinzoon en schone dochter. Op en af, mooie vergezichten, de mannen veroveren een muur. Dé Muur in Geraardsbergen is met flinke kasseien bezaaid, waar bekende renners struikelden, uitgleden en terug recht krabbelden. Een legendarisch klim in de wielergeschiedenis met pieken tot 20% stijgingsgraad. Ook mijn mannen houden dapper vol. Bravo, vooral aan kleinzoon.

Image
De Muur. De stijging krijg ik niet op foto.


De vrouwen zoeken boven een terrasje, het is warm en dorstig weer. Het iconische café Hemelrijck, bovenop de top, is nét een weekje dicht. Definitief, na 35 jaar huurcontract en met veel spijt in het gulle hart van de uitbaters. 
Wielerfans bekomen er van de inspannende rit op de Muur. Toeristen doen niet onder. 
Werkelijk álles uit het café staat, voor ons totaal onverwacht, te koop. Voor geen geld, het moet vooral weg. Schone dochter koopt een heel servies bij elkaar. Zoon is fan van de kleurrijke terrastafels, die we achteraf met veel geknoei ik de auto wringen.
Het drankje moeten we missen. Maar de buit is groot. En er valt nog héél veel te rapen.

Image


Bij de Oudenbergkapel, net ietsje hogerop, is pure rust. Het is een neobarokke bedevaartkapel uit 1906, gebouwd met zevenhoekig grondplan op wortels tot in de Middeleeuwen. Het zit best wel ingewikkeld in elkaar, binnen lees ik ontelbaar veel gedenkplaten gericht tot Maria, als bedanking voor genezing en het overleven van de oorlog. Ik word spontaan stil, heel stil. Met enkel een bankkaart kan ik geen kaarsje branden.
Het uitzicht op de Dendervallei is heel mooi.  Als wielrenner verlies je gegarandeerd kostbare seconden als je hier even geniet.

Image

Verrassend toch

De gewone geen-vakantie-tijd went snel. Routine houdt de mens stevig in zijn greep. Bij routine hoort hier de trein, die me vlot van A naar B zal voeren. In theorie dan toch.
Maar ‘vlot’ past niet echt in het NMBS-vocabularium.

Inderdaad, we staan dus stil. Geen enkele communicatie. Één minuut wordt er vijf, tien, vijftien…. Geen woord uitleg. Ik heb net vandaag het bestaan van de stiltewagon ontdekt. Zelfs zagen of zuchten is hier taboe.  Ik beheers de kunst van fluisteren nochtans goed. Geen kat kijkt op van zijn laptop. Time is money, maar niet voor mij. Ik moet vooral intijds aan de schoolpoort staan.

Rondkijken is dus de boodschap. Schuin achter mij ontdek ik een prachtig tafereel. Een pareltje Gents station.

De schuine streep doorheen het beeld, omdat ik van binnenuit de foto neem, en het grijze paaltje storen me. Maar wie maalt daar nu om? De felblauwe lucht maakt zoveel goed.

Image



Het station werd speciaal gebouwd voor de Wereldtentoonstelling van 1913  en moest grandeur uitstralen op de internationale bezoekers.

De prachtige klokkentoren van 52 meter hoog is geïnspireerd op kasteeltorens.
Gebouwd door architect Louis Cloquet in een eclectische stijl met veel speelse kanteeltjes.
Het geheel oogt sprookjesachtig.
Duizenden keren stapte ik hier op, vaak te gehaast om de trein te halen, nog nooit zag ik van zo dichtbij dit schone stukje.

De stenen dierentuin op de gevel heeft een decoratieve functie. Uilen als symbool van wijsheid , leeuwen verwijzen naar kracht en natuurlijk ook naar de Belgische Leeuw, vogels bewegen doorheen de stenen. Veel beestjes zitten verscholen in de gevel, het wordt een verrassende zoektocht, een zoektocht die tijd vraagt. Ik ben licht ontgoocheld als de trein ‘maar’ twintig minuten te laat vertrekt, want ik had nog heel wat te tellen.

Maar de beloning is groot, ik sta intijds aan de schoolpoort, met dank aan een kleine spurt. Een breed lachende kleinzoon vertelt enthousiast over de nieuwe juf, die toch wel lief is. Maar jongen toch, alle juffen zijn lief:⁠-⁠).