Messierobject

|thumb|Moderne foto's van de 110 objecten, Messier 1 tot en met Messier 110, 2015.]]

De Messierobjecten zijn een groep van 110 astronomische objecten die werden gecatalogiseerd door Charles Messier in zijn Catalogue des nébuleuses et des amas d'étoiles (Catalogus van nevels en sterhopen), waarvan de eerste versie in 1774 werd gepubliceerd.[1] De reden om de catalogus te maken was dat Messier een kometenjager was en regelmatig objecten vond die op kometen leken, maar er geen waren. Om deze verwarring te voorkomen heeft hij een lijst van al deze objecten opgesteld. De catalogus bevat sterrenstelsels, sterrenhopen en nevels, en is nog altijd een veelgebruikte waarneemlijst voor amateurastronomen.[2]
Geschiedenis
[bewerken | brontekst bewerken]Messiers eerste lijst bevatte 45 (ongenummerde) objecten van M1 tot M45. Een tweede lijst die hij in 1780 publiceerde telde 68 objecten.[3] Zijn definitieve lijst, met 103 objecten, verscheen in het jaar daarop (1781).[4]
Een groot deel van de latere objecten is te danken aan Pierre Méchain, die met Messier samenwerkte. Tussen juni 1779 en april 1782 vond hij dertig nevels en sterrenhopen, waarvan hij er 26 als eerste ontdekte. Hij gaf zijn waarnemingen vrijwel direct door aan Messier, die de posities meestal controleerde en de objecten aan zijn lijst toevoegde. Méchains laatste twee bijdragen, M102 en M103, werden zonder controle en zonder positie in de editie van 1781 opgenomen. Vier latere vondsten haalden die editie niet; Méchain beschreef ze in 1783 in een brief aan Jean Bernoulli, redacteur van het Berliner Astronomisches Jahrbuch.[5]
Op basis van ongepubliceerde aantekeningen van Messier en Méchain hebben latere sterrenkundigen nog zeven objecten aan Messiers catalogus toegevoegd. In 1921 voegde Camille Flammarion M104 toe.[6] M105, M106 en M107 werden in 1947 toegevoegd door Helen Sawyer Hogg[7] en M108 en M109 werden in 1953 toegevoegd door Owen Gingerich.[8] M110 werd ten slotte in 1967 door Kenneth Glyn Jones toegevoegd.[9] De Messierlijst bereikte pas in de twintigste eeuw zijn huidige status van 110 objecten.[10]
Soorten objecten
[bewerken | brontekst bewerken]Messier noemde zijn lijst een catalogus van nevels en sterhopen. Dat veel van zijn "nevels" sterrenstelsels buiten de Melkweg zijn, was in zijn tijd nog niet bekend. Volgens de indeling van SEDS, waarin M102 als NGC 5866 wordt geteld, bevat de huidige lijst 40 sterrenstelsels, 29 bolvormige sterrenhopen, 26 open sterrenhopen, 7 nevels rond jonge sterrenhopen, 4 planetaire nevels en één supernovarest (M1). Daarnaast staan er drie objecten in die geen nevel, sterrenhoop of sterrenstelsel zijn: de stervlek M24 in de Melkweg, de dubbelster M40 en het groepje van vier sterren M73, een asterisme.[11]
Omdat Messier vanuit Parijs waarnam, liggen alle objecten ten noorden van ongeveer −35° declinatie. Heldere objecten aan de zuidelijke hemel, zoals de Magelhaense wolken, ontbreken daardoor. Ook heldere noordelijke objecten die niet op een komeet lijken, nam Messier gewoonlijk niet op. Een uitzondering zijn de Orionnevel (M42 en M43), Praesepe (M44) en de Pleiaden (M45), die hij in één nacht, op 4 maart 1769, opmat. Volgens Gingerich wilde hij zo zijn eerste lijst op 45 objecten brengen; een mogelijke verklaring, die niet vaststaat, is dat hij de 42 objecten in de catalogus van Nicolas-Louis de Lacaille uit 1755 wilde overtreffen.[12]
Ontbrekende objecten
[bewerken | brontekst bewerken]M102 is een speciaal geval. De ontdekker, Méchain, verklaarde in 1783 dat het object een dubbele vermelding was van M101, het Windmolenstelsel. Messier noteerde later echter zelf een positie voor M102, en die positie en de beschrijving in de catalogus wijzen eerder op het sterrenstelsel NGC 5866. Welk object met M102 bedoeld is, staat niet vast.[13][14]
Ook enkele andere nummers waren lange tijd onvindbaar. Bij M47, M48 en M91 maakte Messier een fout bij het verwerken van zijn metingen, waardoor de opgegeven positie niet klopte. De bedoelde objecten werden pas in de twintigste eeuw achterhaald: M48 in 1934, M47 in 1959 en M91 in 1969. M40 was wel juist beschreven, maar werd pas in 1966 herkend als de dubbelster Winnecke 4.[15]
Gebruik
[bewerken | brontekst bewerken]Messierobjecten worden nog steeds genoemd bij hun nummer. Zo is M31 de Andromedanevel. Vrijwel alle objecten zijn met een kleine telescoop te zien. Eind maart, rond nieuwe maan, is het vanaf lage noordelijke breedten mogelijk ze in één nacht allemaal waar te nemen; een poging daartoe heet een Messiermarathon.[12]
Zie ook
[bewerken | brontekst bewerken]Verder lezen
[bewerken | brontekst bewerken]Boeken
[bewerken | brontekst bewerken]- (en) Glyn Jones, Kenneth (1969). Messier's Nebulae and Star Clusters. American Elsevier Publishing Company, New York.
- (en) Mallas, John H., Kreimer, Evered (1980). The Messier Album. Sky Publishing Corporation, Cambridge (Massachusetts). ISBN 0-933346-04-2.
- (en) O'Meara, Stephen James (1998). Deep-Sky Companions: The Messier Objects. Cambridge University Press, Cambridge. ISBN 0-521-55332-6.
- (en) Stoyan, Ronald, Binnewies, Stefan; Friedrich, Susanne (2008). Atlas of the Messier Objects: Highlights of the Deep Sky, vertaald door Klaus-Peter Schroeder. Cambridge University Press, Cambridge. DOI:10.1017/CBO9780511536502. ISBN 978-0-521-89554-5.
Websites
[bewerken | brontekst bewerken]- (en) The Messier Catalog – database van SEDS met beschrijvingen en foto's van alle objecten
- (en) Charles Messier – leven en werk van Messier (SEDS)
- (en) Original Messier Catalog of 1781 – scans van de oorspronkelijke catalogus (SEDS)
- ↑ (fr) Messier, Charles (1774). Catalogue des nébuleuses et des amas d'étoiles, que l'on découvre parmi les Étoiles fixes, sur l'horizon de Paris, observées à l'Observatoire de la Marine, avec differens instrumens. Histoire de l'Académie Royale des Sciences, avec les Mémoires de Mathématique & de Physique 1771: 435-461
- ↑ (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Guy McArthur, Mark Elowitz, SEDS Messier Database. SEDS (23 februari 2025). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (fr) Messier, Charles (1780). Catalogue des nébuleuses et des amas d'étoiles, observées à Paris, par M. Messier, à l'Observatoire de la Marine, hôtel de Clugni, rue des Mathurins. Connoissance des Temps, Pour l'Année commune 1783 1783: 225-267 Aanvulling op p. 408: online.
- ↑ (fr) Messier, Charles (1781). Catalogue des nébuleuses et des amas d'étoiles, observées à Paris, par M. Messier, à l'Observatoire de la Marine, hôtel de Clugni, rue des Mathurins. Connoissance des Temps, ou Connoissance des Mouvmens Célestes, Pour l'Année bissextile 1784 1784: 227-267
- ↑ (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Pierre Méchain (1744-1804). The Messier Catalog. SEDS (17 september 2017). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (fr) Flammarion, Camille (1921). Les principaux amas d'étoiles et grandes nébuleuses du ciel visible en France. Bulletin de la Société astronomique de France 35: 355-359
- ↑ (en) Sawyer Hogg, Helen (1947). Out of Old Books: Catalogues of Nebulous Objects in the Eighteenth Century. Journal of the Royal Astronomical Society of Canada 41: 265-273; (en) Sawyer Hogg, Helen (1948). Mechain's Additions to Messier's Catalogue. The Astronomical Journal 53: 117
- ↑ (en) Gingerich, Owen (1953). Messier and his Catalogue II. Sky and Telescope 12: 288
- ↑ (en) Glyn Jones, Kenneth (1967). Some New Notes on Messier's Catalogue. Sky and Telescope 33: 156-158
- ↑ (en) David Nash; Hartmut Frommert, Christine Kronberg, History of the Messier Catalog. The Messier Catalog. SEDS (3 juni 2007). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Guy McArthur, H.S. Teoh, Messier Objects By Type. The Messier Catalog. SEDS (26 april 2013). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- 1 2 (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Guy McArthur, Messier Questions & Answers. The Messier Catalog. SEDS (7 maart 2012). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Messier Object 102. The Messier Catalog. SEDS (7 mei 2013). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (en) NGC 5866. NGC/IC Project Restoration Effort. NGC/IC Project. Geraadpleegd op 17 oktober 2026.
- ↑ (en) Hartmut Frommert; Christine Kronberg, Guy McArthur, The Missing Messier Objects. The Messier Catalog. SEDS (21 maart 2026). Geraadpleegd op 17 oktober 2026.